Over 'Onklare taal'

'Onklare taal' is de verzamelnaam van diverse tekstprojecten van mijn hand. Dit is de afdeling kortverhalen daarvan. De weg een beetje kwijt? Deze link brengt je terug naar de homepage van 'Onklare taal'. Ik ben tijdelijk gestopt met kortverhalen, maar in 2016 heb ik een geredigeerde bundel van de beste verhalen uitgebracht: 'Recombinant' is gratis te downloaden in PDF- en in EPUB-formaat.

woensdag 5 september 2012

De presidenten (II)

2. Bekentenis

Van het restaurantbezoek en het gesprek leek het onderdeel van de bekentenissen op het eerste zicht steeds het interessantste, maar omdat de vier mannen elkaar buiten de bijeenkomsten weinig zagen, viel dat in werkelijkheid vaak tegen. De personen die in de verhalen of bekentenissen figureerden, waren vaak vage kennissen, geen gemeenschappelijke vrienden.
"Omdat ik bij het vorige onderdeel niks te zeggen had, zal ik nu beginnen," zei James plichtbewust als een patron, terwijl hij de drie anderen beurtelings aankeek, "Het is eigenlijk iets waar ik maar zelden bij stilgestaan heb: ik steel van mijn werkgever. Niet in de letterlijke zin zoals materiaal stelen of geld versluizen naar mijn rekening, maar gewoon door het werk op bepaalde manieren te saboteren. Ik doe alsof ik erg veel werk heb, maar eigenlijk zou ik al mijn weektaken gerust kunnen doen op één dag. Daardoor vraag ik me soms af of er nog véél zulke mensen zijn. Elke keer als iemand me zegt dat hij het druk heeft, vermoed ik dat hij liegt. Dat iedereen net als ik de ganse dag zit te surfen op het internet, naar muziek luistert of beursberichten volgt.”
“Ooit al een carrière bij de overheid overwogen?” vroeg Mr. Duplo op zijn gebruikelijk flegmatieke manier, “Ik heb daar drie zomers na elkaar een vakantiejob gedaan via mijn moeder. Daar zaten mensen die van doen alsof ze aan het werken waren, een kunst gemaakt hadden.”
“Mijn baan is best goed betaald,” zei James, “en daar schaam ik me in.”
“Ik zie niet in waarom,” pikte Volkan daarop in, “het is de schuld van de werkgever dat zij jou dit zo makkelijk laten doen. Zou je meer willen werken, mocht er meer werk zijn?”
“Ik weet het niet. Er zijn altijd wel manieren om het zo efficiënt aan te pakken dat er weer tijd zal over zijn.”
“Hm,” zei Volkan slechts, waarna hij een grote hap vis nam.
“Je moet oppassen voor een bore-out,” zei Maarten, die met zijn mes in James’ richting wees, “ooit van gehoord? Nee? Een burnout kan je krijgen door constant overwerk, een bore-out door constant, tja, onderwerk. Mensen met een bore-out kunnen voorgoed verbrand raken voor de arbeidsmarkt. Misschien moet je overwegen toch een andere job te zoeken.”
James knikte maar zijn gezichtsuitdrukking verried een zekere vrijblijvendheid.
“Iedereen kijkt,” zei Maarten met een glimlach, “dus het is mijn beurt, zeker?”
Het was stil. Hij schraapte zijn keel, en had al een blos van de wijn.
“Wel, ik ben onlangs naar de hoeren geweest,” zei hij, terwijl hij met zijn vinger langs een restje saus op de rand van zijn bord ging, en toen de rest terug aankeek, “Ik kwam terug van een feestje dat veel te vroeg gedaan was, en besloot een omweg te nemen. Ok, ik was dronken, maar dat is nu ook geen excuus.”
“Hoeveel heb je betaald?” vroeg Mr. Duplo met een frons. De anderen lachten.
“Zestig euro.”
Mr. Duplo floot geluidloos.
“En was het goed, eigenlijk?” vroeg Volkan.
Maarten haalde ongemakkelijk de schouders op.
“Niet echt. Geldverspilling als je ’t mij vraagt. Het is ook allemaal zo fake. Bovendien stelde ik me nadien vragen of ik op die manier niet mee aan het werken was aan uitbuiting van vrouwen. En toch kon ik er niet aan weerstaan. Het gebeurt ook niet alle dagen dat een vrouw met weinig kleren aan naar me wenkt vanachter een venster.”
“Dat is een lastige kwestie,” zei James met een ernstige plooi op zijn knappe gezicht.
“Mja,” zei Volkan lui, “er zitten er altijd tussen met een pooier, zelfs hier. Dat is niet zo fijn natuurlijk. Ik snap wel niet goed hoe je daar een verleiding in ziet, Maarten. Die willen gewoon zo veel mogelijk verdienen. Ik ben al een paar keer door de buurt gewandeld met maten, en ik heb toen ook niet zo goed verstaan wat die er zo geweldig aan vonden.”
Maarten haalde diep adem en nam een slok wijn.
“Een bekentenis is een bekentenis.”
“Het was een mooie,” vond Mr. Duplo, die nog steeds zat te fronsen.
“Ik zal de volgende gelijk voor m’n rekening nemen,” zei Volkan strijdvaardig. Zijn bord was volledig leeg. Hij keek de andere drie mannen elk om beurt aan, en zijn blik bleef toen rusten op James.
“James, mag ik het nummer van je zuster?”
Mr. Duplo en Maarten lachten luid. James’ mond lachte, maar zijn ogen tot zijn eigen verbazing niet.
“Hoe ken je haar?”
Volkan leunde achterover tegen de muur.
“Ik doe vrijwilligerswerk in een kringloopwinkel, en zij werkt daar soms ook met een vriendin. Ik herkende haar van op een feestje ergens, en heb kort met haar gesproken, maar nu werkt ze er niet meer en ik weet niet hoe ik haar moet contacteren.”
“Tja. Ze is een volwassen vrouw. Waarom vraag je haar haar nummer zelf niet?”
“Hoe dan?”
“Facebook,” suggereerde Mr. Duplo.
“Ik zit niet op Facebook,” zei Volkan, “ik ben niet bezig met dat hele sociale mediagedoe.”
“Ik pas om hier commentaar op te leveren,” zei Maarten, waarop hij zich bedacht: “hoewel Volkan, had jij ook geen knappe zus?”
Volkan lachte even gespannen als James zoëven.
“Nee, nee. Maar... ja, raar hé,” grinnikte hij idioot, “Mijn vrienden en ik maakten altijd moppen over elkaars moeders en zusters, maar als er ook maar één van ons een vinger naar zou uitgestoken hebben, amai. Het is primitief, in feite, maar je ontsnapt er zelf niet aan.”
“Ik vind het gewoon een rare vraag, dat is alles,” zei James, die weer zijn charmante zelf was, “maar hier heb je ’t nummer. Wees vriendelijk.”
Hij gaf een nummer door dat hij op een servet geschreven had. Volkan maakte een dankbaar handgebaar en vouwde het servet op als een kostbaar juweel.
“Het zal er niet aan mankeren,” verzekerde hij James met een extra zwaar Gents accent.
“Nog drank, iemand?” vroeg Mr. Duplo.
“Is het niet eerder tijd voor een dessert?” vroeg Volkan opgeruimd.
Nadat de ober hun bestelling was komen opnemen, was het nog Mr. Duplo’s beurt om een bekentenis op tafel te gooien.
“Ik kom de dag niet door zonder alcohol. Soms vraag ik me af of ik een alcoholicus ben. Ik ben zelden dronken, maar ik drink elke avond drie glazen, tot ik me licht voel, en dan ga ik slapen. Als ik dat niet kan doen, ben ik humeurig en gejaagd. Overdag, op het werk, zit ik soms de uren af te tellen tot ik weer wat kan drinken.”
“Misschien is het meer een soort ritueel?” opperde Maarten, “Heb je al geprobeerd met iets dat geen alcohol is?”
“Ja,” zei Mr. Duplo, “maar dan kreeg ik alleen een suikerkick. En met water werkte het helemaal niet.”
Op dat moment zette Volkan net zijn glas water neer op tafel.
“Mja, ik denk dat je inderdaad een probleem hebt,” zei hij scherp tegen Mr. Duplo, “je lijkt in te zien dat je ’t niet onder controle hebt. Misschien moet je eens gaan praten met een dokter.”
“Ik vind niet dat je moet overdrijven, Volkan,” vond Maarten, “er zijn massa’s veel mensen die doen wat Mr. Duplo doet.”
“Dat maakt het daarom nog niet ok,” zei Volkan onverstoord.
“Heren, de regels. Niet door elkaar praten,” vermaande James hen. Ze zwegen, waardoor iedereen nu nog wachtte op James’ commentaar.
“Zolang je gezondheid, je omgeving en je werk er niet onder lijden, denk ik dat het nog meevalt,” zei hij, “maar het is inderdaad een moeilijk grensgeval. Probeer gewoon één dag niet te drinken of zo?”
Mr. Duplo grimaste.
“Ik zal het proberen.”
“Voor wie was de dame blanche?”
De vier mannen keken op naar de ober met de plateau desserts.

Verder naar deel drie.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten