Over 'Onklare taal'

'Onklare taal' is de verzamelnaam van diverse tekstprojecten van mijn hand. Dit is de afdeling kortverhalen daarvan. De weg een beetje kwijt? Deze link brengt je terug naar de homepage van 'Onklare taal'. Ik ben tijdelijk gestopt met kortverhalen, maar in 2016 heb ik een geredigeerde bundel van de beste verhalen uitgebracht: 'Recombinant' is gratis te downloaden in PDF- en in EPUB-formaat.

donderdag 30 januari 2014

Het Arcturus-project (VIII)

Uit: “Databank AntPol, gezochte personen

Locusta (echte naam onbekend, vermoedelijk van Mediterrane afkomst) is van gemiddelde lengte (ca. 1m75), ongeveer 35 jaar oud, atletisch gebouwd d, met zwart haar en donkere ogen. Ze is een meester in de vermomming en bijzonder gevaarlijk. Locusta wordt verdacht van minstens 17 huurmoorden in opdracht van misdaadyndicaten en corrupte overheden. Het arrestatiebevel tegen haar heeft prioriteit A.

Update 26.07.2129: Zou zich volgens de laatste bronnen bevinden op Mars. Verlaagd naar prioriteit B.
Update 04.02.2130: Elk spoor verloren.
Update 16.02.2132: Zou op Antarcitca zijn (link). Prioriteit A.


8. Magische Tunnel en IJsgrotten, Hubert, Transantarctica

Jemma had er niets beter op gevonden dan Walther Ernst mee te nemen naar het hoofdkwartier in Getz, om hem daar mee met de politie-experts te laten werken aan een kritische doorlichting van zijn eigen analyse. Ze twijfelde er niet aan dat Ernst gelijk had. Ze kon alleen niet doorgaan op één mening, vooral omdat de implicaties zo zwaar waren. Een andere reden voor haar voorzichtigheid zat nu naast haar in de dienstwagen, en heette Logan Herschel. Ze hadden een tip gekregen over waar Locusta zich ophield, en raasden nu op volle snelheid door de Magische Tunnel. Kleuren van in de wanden uitgehakte woonwijken en bubbelhuizen, met alle sponsoring en datavervuiling vandien, waaierden over het glas van de wagen. Politie-auto's hadden de bijnaam 'kogels' omwille van hun vorm en snelheid. Er was veel verkeer, maar voor een zwaailicht werd er nog steeds opzij gegaan. Het was Jemma die stuurde.
"Ik heb nog wat meer opgezocht over Walther Ernst," zei Logan, terwijl hij uit het venster keek, onverstoord door de halsbrekende snelheid waarmee Jemma de kogel bestuurde.
"Ja, en?"
"Wel," zei Logan, die even van zijn koffie nipte, "weinig spectaculairs buiten wat we al wisten en wat hij ons zelf verteld heeft, maar blijkbaar hadden hij en Henry nog een oudere broer, die zeven jaar geleden overleden is."
"O."
Jemma fronste en vroeg zich af waarom het niet in het dossier had gestaan.
"Ja, hij heette Konrad en was lid van een transrode beweging. Hij stierf aan zijn verwondingen na een schermutseling in Orcada, tijdens de Walvisrellen. Zijn testament wiste hem uit."
"Hm."
"Daarom staat het niet in het dossier van Ernst," zei Logan.
"Je hoeft m'n gevoelens niet te sparen over die info. Wat maakt het ook uit voor deze zaak?"
"Ik wil maar zeggen dat het kan dat Walther Ernst en Henry Bei een politieke agenda hebben los van waar we Osvald van verdenken."
De wagen blokkeerde de toegang van enkele datazwermen die in oranje en blauw langs de autostrades wemelden als sterrenstof. Industriėle ritmes aan de rechterkant van de enorme tunnel gaven aan dat ze intussen voorbij de woonwijken waren. Het verkeer werd minder druk.
"Wel, en ik vind het een onnozel detail. Als Ernst politieke motivaties had, waarom heeft hij dan al met alle grote firma's van Antarctica samengewerkt?"
"Ik zeg niet dat hij het is. Het kan zijn dat zijn andere broer hem op het idee gebracht heeft."
"Hij en Henry zijn niet eens zulke goede vrienden."
"Goed genoeg dat Ernst Bei en zijn vriendin opdroeg om te vluchten. We kunnen hen nergens vinden."
"Dat kan ik alleen maar beschouwen als positief."
Logan zuchtte en liet zijn koffiebeker disintegreren. Hij zat zich nu zelf ook te ergeren, en dat stemde Jemma gunstiger. Het  typeerde hem dat hij vaak kwam aandraven met vage kritiek, of opmerkingen die daarvoor moesten doorgaan, maar uiteindelijk enkel de zaken vertraagden. Het ergste was dat hij niet altijd ongelijk had, maar Logan was er een meester in van de dingen vaag genoeg te zeggen zodat hij achteraf altijd het tegendeel kon beweren.
De auto spoedde zich verder, voorbij de grote afrit aan McMurdo-Noord, waar in het stuk van de tunnel dat bijna boven de grond kwam, tegen het plafond de Hangende Tuinen zichtbaar werden, een commune van superrijken die genoten van het uitzicht over kilometers diepte in de Magische Tunnel.
"Zwaai even naar de president," zei Logan terwijl ze er onder de commune door zoefden en er even een pauze was in het data-bombardement.
Jemma grimaste.
"Zo'n uitspraak ben ik niet van jou gewoon."
"Ik bedoel er niets mee. We weten allemaal dat president Wedell er haar buitenverblijf heeft. Ik zou er ook wel één willen, daar, en m'n eigen serre hebben met een boomgaard."
Jemma had daar een opmerking over klaar, maar een lichtje op het dashboard van de wagen eiste haar aandacht op. Een kaart werd zichtbaar van een randstad van McMurdo.
"Hubert," zei Jemma.
"Aan het strand?"
"Het lijkt erop."
Hubert had enkele kunstmatige ijsgrotten die uitmondden in een baai die beschermd natuurgebied was, en lag op een steenworp van McMurdo, zowel boven- als ondergronds.
"Dat heeft de AusPol weer mooi uitgevist," zei Logan, alsof het zijn eigen verdienste was.
"Eerst zien en dan geloven."
De voorbije twee dagen waren er nog twee doden gevallen, en begon ook de media langzamerhand de verbanden te leggen, aangezien bijna elke dode een hoogopgeleide man was. Elk overlijden was anders geweest van aard, maar telkens was het gegaan om een plotse dood.
"Ik krijg trouwens juist binnen dat ze de patentaanvragen geblokkeerd hebben. Norkjell wordt in de gaten gehouden en als hij probeert om Antarctica te verlaten, houden ze hem wel even tegen met één of ander excuus," zei Logan.
Jemma knikte en beet op haar lip. Ze wist dat ze die truc maximaal drie uur konden rekken. Ze had het gevoel dat er iets was dat ze over het hoofd zagen. Er was iets in het plan dat niet klopte, maar ze kon er de vinger niet op leggen.

Een kwartier later stond de kogel geparkeerd op het einde van de weg, een honderdtal meter van de klif, waar enkele ladders trekkers toegang gaven tot de ijsgrotten. Logan en Jemma stonden met hun wapens in de aanslag onderaan één van die ladders. De ijskoude zee klotste tegen de ijsschotsen, en de zon stond laag aan de horizon.
Logan ging voorop langs het semi-natuurlijke ijspad. Jemma vond dat ze te veel lawaai maakten, maar als Locusta zich echt in de grotten ophield, was er geen uitweg voor haar, behalve langs deze route. De wind trok hard en ruw aan hun kleren, en blies zelfs door de microscopisch kleine openingen in haar politie-harnas.
"Ik heb een gloedhekel aan de zee," mompelde ze.
"Ik zie ze ook liever achter glas zitten, geloof me," zei Logan.
De klif begon langzaam over te hellen en strekte zijn schaduw over hen uit, wat ook het gebulder van de zee en het gekraak van de ijsschotsen een andere kwaliteit leek te geven. Logan stak zijn zoeklicht aan op zijn rechterarm.
"Ik wist niet dat jij linkshandig was," merkte Jemma op.
"Ik ben tweehandig," zei Logan eigenwijs, en gebaarde toen dat ze moesten overschakelen op de comlijn.
Jemma's oogdisplay gaf niks in het bijzonder weer dat wees op ander complex leven buiten henzelf. Ze dacht nog steeds na over de lacune die ze aanvoelde in de theorie van Walther Ernst. Als het waar was dat Omn¡tek zich voorbereidde op de vernietiging van miljarden mannen, waarom hadden ze dan in de eerste plaats de aandacht getrokken met hun verdachte patentplannen? Wat als Nørkjell wilde gevangen worden? Maar hoe zou dat goed zijn? Indien Ernst gelijk had, was Nørkjell niet immuun voor zijn eigen virus en zou gevangenschap hem niet redden.
"Nog niks te bespeuren," gaf Logan door over de lijn.
Ze kwamen nu aan de gapende opening van Grot Eén, die 's nachts verlicht werd. Ook nu, in de oneigenlijke avond, werden de ijsstructuren spectaculair verlicht in blauw en wit en groen. Alles leek kalm.
De twee officieren wandelden over het pad naar binnen. Logan checkte de rechterkant en keek voor hem uit, Jemma deed het tegengestelde. Hun netwerken waren met elkaar verbonden. Terwijl ze behoedzaam verder hun weg baanden door Grot Eén was het moeilijk om niet onder de indruk te raken van de onaardse schoonheid van het verlichte ijs. De hallen leken op een feestzaal van een mythisch ras van reuzen of halfgoden, met dikke witte tafels die uit de vloer oprezen, en briljante lusters van bevroren stalactieten.
Toen ze halverwege Grot Eén waren en de nauwe doorgang naar Grot Twee, met zijn bekende aquarium, al in zicht kwam, zei Logan plots vocaal "Daar!".
Jemma en Logan richtten tegelijk hun wapen op een figuur die op een steen zat, met opgetrokken knieėn, helemaal in het zwart, en haar dat alle kanten uit stak.
"Blijf waar je zit," zei Logan zelfverzekerd.
Jemma ontspande haar houding.
"Ze is dood, Logan," zei ze.
Er zat al rijp op haar gezicht.
"Laten we even kijken, toch," zei hij overbodig. Het ijs kraakte weerbarstig onder hun laarzen toen ze het pad verlieten, en naarmate ze naderden, werd het akelige gevoel dat Jemma al de hele tijd gehad had, enkel sterker.
"Dit is niet Locusta," zei ze.
Logan deed zijn helm uit.
"Godverdomme."
Ze beseften dat ze keken naar het bevroren gezicht van Charis.
Tezelfdertijd rolde een bericht binnen over hun oogdisplays: 'Nørkjell onvindbaar'.

Verder naar deel negen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten